OLD HENGEL

 

De historie van Hengelo Gld

 


 

19e EEUW

 

 Kasteel 't Averenck

Hengelo kende in vroeger tijden meer landhuizen dan tegenwoordig. Enkele namen waren Het Langeler, Het Stapelbroek, De Dunsborg, Heisterboom, Leemkuil, Mokkink en ’t Averenck. Net als in Vorden dikwijls aangeduid als kasteel, maar meestal ten onrechte.

’t Averenck, onder buurtschap Bekveld, kwam dicht bij de kwalificatie ‘kasteel’, maar desondanks was het meer een groot landhuis of havesathe. Het werd omgeven door een gracht. Het gebouw werd gesierd door een klokkentoren en het geheel had een regelmatige aanleg (zie tekening). Aan de voorzijde van het landhuis was het zgn. voorplein met links en rechts een bouwhuis. In 1825 werd deze regelmaat verstoord, doordat het rechter bouwhuis werd afgebroken.

 

Vanaf de huidige Banninkstraat tot het landhuis liep een oprijlaan met aan weerszijden drie eiken. Deze oprijlaan liep ongeveer parallel aan de tegenwoordige Bruinderinkweg. Rechts van het kasteel stond een boerderij ‘Brunderinck’ genaamd.

 

Al in geschriften uit 1378 kwam de naam Berent ’t Averenge voor als eigenaar van het huis. In 1484 kwam het in bezit van Steven van Kervenheim. Tot 1727 is het bezit daarna ongewis, maar in dat jaar werd Johan Van Essen eigenaar. Van 1841 – 1852 woonde er burgemeester Wilt Adriaan Wilbrenninck.

Toen in 1874 de laatste bewoner jhr. Steengracht d’Oosterland overleed, werd de havesathe voor afbraak geveild. Enkele veilingstukken: een torenuurwerk met wijzerbord en inrijpoorten.

Ook het ‘Brunderinck’ kwam vermoedelijk gelijktijdig onder de slopershamer. Het verwijderen is zeer grondig gedaan, van de fundamenten is niets meer terug te vinden. Wel zijn door de bewoners van het huidige ‘Bruinderink’, de familie Luesink, enkele stukken steen en aardewerk in het land gevonden, waarvan aan te nemen is dat deze afkomstig zijn van ’t Averenck. Ook zijn er nog sporen van een weg terug te vinden die naar boerderij Doekelenborg liepen.

   

 

 

 

Het landgoed, waarvan 120 ha. in de gemeente Hengelo en 32 ha. in de gemeente Zelhem lag, werd pas in 1911 samen met enkele boerderijen geveild. Dit geschiedde door een nazaat genaamd jhr. mr. Hendricus Adolphus Steengracht, heer van Duivenvoorde, Voorschoten en Veur. Van hem is bekend dat hij is geboren op 25 april 1836 te ’s Gravenhage en zijn loopbaan begon als kamerjonker van koning Willem III. Later werd hij kamerheer van de koning en kamerheer in buitengewone dienst van koningin Wilhelmina.

Ook was hij lid van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland. Hendrik Steengracht stierf op 12 mei 1912 in Parijs.

 

Enkele Hengelose namen van kopers op de veiling:

Bernhard Luesink, landbouwer - Johannes Klem, manufacturier - Derk Jan Jansen, koopman - Bernhard Agterkamp, landbouwer - Johannes Rondeel, metselaar en landbouwer - Hendrikus Albertus Bosman, landbouwer - Derk Jan Harmsen, landbouwer - Hermanus Onstenk, rietdekker - Jan Onstenk, rietdekker - Reinierus Johannes Lubbers, timmerman en winkelier - Hendrik Wansink, koopman - Derk Jan Maalderink, landbouwer - Jan Maalderink, landbouwer - Gerrit Jan Klein Gotink, landbouwer.

 

De naam ’t Averenck leefde in de 20e eeuw voort in het in 1920 gebouwde hotel/restaurant/café van de familie Michels aan de Spalstraat, inmiddels weer

 

afgebroken in de negentiger jaren. Ook is een huis, nabij de plek waar het landhuis vroeger stond, zo genoemd.

 

 

 

 


Home