OLD-HENGEL

Tweede Wereldoorlog

 

horizontal rule

 

                                                                  

Verdriet in Keijenborg

 

Keijenborg – Vijftien jaar geleden werd Keijenborg bevrijd; een rare dag voor dit kerkdorp van Hengelo (Gld). Er was blijheid uiteraard, omdat de Duitse bezetter was verdreven. Maar ook veel verdriet, want op 1 april 1945 bliezen Duitsers De Bond op; de coöperatie waar boeren hun graan lieten dorsen en tijdelijk een munitiedepot. De Duitsers, op de vlucht, wilden geen munitie in handen van de naderende Canadezen laten vallen. Dus lieten ze de boel ontploffen. Zes Keijenborgers vonden daarbij de dood, een paar uur voor  de bevrijding van hun dorp.

Intense vreugde en groot verdriet lagen op 1 april 1945 dicht bij elkaar. Voor de toen 20-jarige Henk van Uum was er vooral verdriet. Zijn familie woonde naast het coöperatiegebouw, dat in de volksmond De Bond heette. Henks vader was daar zaakvoerder, en hij was bovendien kassier van de Boerenleenbank, in een kantoortje aan huis. Overdag was Henk thuis, maar ’s nachts sliep hij elders. Daarvòòr had hij een paar jaar ondergedoken gezeten, om niet naar Duitsland te worden gestuurd. “Als ik overdag buiten kwam, was ik vermomd; met een bril en een hoed op. Ik geloof dat ze hier in de buurt niet eens wisten dat ik hier wel rond liep”, zegt hij nu.

Zo brak Eerste Paasdag 1945 aan. De familie Van Uum had inkwartiering van Duitsers. Van onderduiken hadden de bezetters weinig kaas gegeten, zegt Van Uum. “Ik liep daar gewoon tussen en ze hadden niets in de gaten.”  Zijn vrouw was 12 toen de oorlog afliep en woonde tegenover Henk van Uum. Ook bij haar thuis waren Duitsers ingekwartierd. “Ik vond ze eng, met die doodskoppen op de pet.”

 

Vreselijke knal

De nacht van 31 maart op 1 april werd het druk in Keijenborg. De Duitsers kwamen op hun weg terug naar de Heimat door het dorp. “Het moet ’s nachts al zijn gebeurd dat ze De Bond hebben volgereden met munitie. We hebben daar niets van gehoord. En we hebben ook helemaal niets gezien.” De gebeurtenissen die volgden kwamen als een volledige verrassing.

“Ik denk dat het iets voor half drie ’s middags was”, zegt Van Uum, gravend in zijn herinneringen. “Ik stond op de weg, hier voor het huis.” Zijn hoed en opplaksnor had hij maar thuis gelaten. “Ik wist wel dat dat niet meer nodig was.” In de verte zag hij tanks rijden; de Canadezen waren al op de Hengeloseweg, tussen Hengelo en Doetinchem.  “Toen kwam hier een Duitser het gebouw uitrennen”, zegt hij, wijzend op het coöperatiegebouw, waar hij tegenwoordig samen met zijn vrouw schuin tegenover woont.  “En dat neem ik hem nu altijd nog kwalijk. Als hij maar iets had gezegd, dan hadden we naar de schuilkelder kunnen gaan. Maar die vent zei niets, hij fietste gewoon weg. Had hij wat gezegd, dan had ik ze kunnen waarschuwen.”

‘Ze’ zijn Van Uums moeder (47), broertje Johannes (8) en zus Thea (17). Zij verongelukten bij de ontploffing net als drie buren. Ze hadden hun jassen aan gehad om naar de schuilkelder te gaan. Als ze een paar minuten meer tijd hadden gehad, was het leven heel anders verlopen.

Een vreselijke knal deed Keijenborg opschrikken. Op de valreep van de oorlog vonden in één seconde zes mensen de dood. Mevrouw Van Uum: “Wij zaten in de schuilkelder. De luchtdruk was zo enorm dat we het zand in de oren hadden.” Henk van Uum was op het moment van de ontploffing bij de achterdeur van de buren. “Ik dacht, dat is een beste granaat.”Maar het was veel erger. Een enorme ontploffing maakte van Keijenborg een puinhoop. Gevels waren uit huizen geslagen, ruiten kapot. Er ontstonden branden op diverse plekken. “Het was ene grote puinhoop.”

Verdriet, verwarring, chaos. Het stond in schril contrast met het bevrijdingsfeest dat snel daarop volgde. Het was wrang voor Henk van Uum. “Twee jaar had ik ondergedoken gezeten. Ik was twintig, eindelijk vrij. Maar in feestvieren had ik geen zin.”De oorlog was voorbij, maar voor de familie Van Uum begon de strijd om te overleven. “Ons huis was kapot, we hadden alleen de kleren die we aan hadden. De kinderen werden verspreid over verschillende adressen.” Tweede Paasdag kwam het grote leger Canadezen Keijenborg binnen. Op die dag werd ook pas het levenloze lichaam van Henks moeder gevonden, onder de puinhopen. “We hadden tot die tijd nog een beetje hoop gehad.” Die hoop was toen voorbij. Ze heeft de bevrijding net niet meegemaakt.

 

Door Henriet Fokkink (Gelderlander, 1995)

 

De andere 3 slachtoffers waren:

Johanna Ankersmit-Kuipers, 33 jaar

Maria Seesing-Salemink, 30 jaar

Leo Salemink, 15 jaar (broer van Maria. Hij kwam uit Ootmarsum en was op bezoek)

 

De Duitse soldaat die hierbij omkwam was:

Johann Ohmen, geboren 19-12-1900, Mönchengladbach.                                  

Eenheid: Gren kp ZBV/Gren Ers Batl 77

Ohmen werd op 8 april 1945 gevonden tussen het puin, en direct begraven op de RK Begraafplaats in Keijenborg.  

 

horizontal rule

 

Home