OLD HENGEL

 

De historie van Hengelo Gld

 


 

OUDSTE GESCHIEDENIS (tot 1900)

 

VERPONDINGSKOHIER 1650

 

In een Verpondingskohier uit 1650 komen veel namen van boerderijen en eigenaren ons bekend voor. Ze bestaan ook in de 21e eeuw nog, of anders afgeleiden ervan. De verponding was een vorm van grondbelasting welke werd geheven onder alle roerende goederen; de baten vloeiden toe aan de Staten van Gelderland. De aanslagen werden in een zwierig schrift in het Verpondingskohier genoteerd. Vele goederen waren een Zutphens leen en werden ook al vermeld in de oude leenaktenboeken van het graafschap Zutphen. Vermeld worden de namen van de havesathen, boerderijen en losse gronden, met daarachter de naam van de eigenaar.

 

DUNSBORG

WAARL: Coenraad van Munster. Het Waerle was een aanzienlijke havesathe. Na Van Munster kreeg in 1723 de familie Nies het Waerle in bezit. In 1828 kwam het in handen van van ds. H.W. de Wilde, predikant in Spankeren en Doetinchem. In 1895 ging het door verkoop over aan de vroegere knecht van De Wilde, Derk Groot Roessink. Het huis werd in 1896 geheel afgebroken. Zie ook ‘Het Waerle’

METTENMATE: kerkbezit. (onderdeel van Waerle?)

LENDERINK: Geertjen Warninck

SPEULMANS HOFF: Hendrik Lenderink

CLEYN LENDERINK: erfgenamen van Lambert Lenderink

BEYERINK: (gebied rond oude molen Olde Kaste) Engelbert Ilsinck

VOEGELINK: Berent Lenderink en Hendrik Geltink

WISSINK: Albert van Haegen

HEERINK: Jonker Rauber. Zutphens leen: 1326 Henrick van Suderoes, 1378 Evert van Zelle, 1412 Steven van Kervenheim, 1422 Albert Meijerink. Van 1563 tot 1653 fam. Van Kervenheim; 1653 Felix Rauber en Maria Vrijdach; vanaf 1683 fam. Van der Heijden.

DUNSBORG: Baarken en Winkelman

SLETTERINK: Wilh. Baarken.

 

’t GOOY

BESSELINK: Gaart Verweij en Lijse Besselink

WEENINK: jonker Roode tot Diepenbroek

REMMELINK BLEK: Hendrik Creijenvanger

BERKERIJE: burgemeester Nijkerken

WOLSINK: Bern. Tot Zutphen

MENTINK: Willem Eggink

GROOT JEBBINK: Derck ten Behm

KLEIN JEBBINK: die jufferen Van Kervenheim en Frans Versteghe

HOEBINKHOF: den bouman op Mockink

BONGERTSHOF: Jan Bongerts tot Deutekom

SWAVINK: Engelbert Bloemendael. Zutphens leen: 1378 Lubbert Swaving, 1485 Dirck Heymsinck, 1517 Johan Heinck, 1581 Wolter Schaep, 1647 Engel Bloemendael.

GOIJKERIJE: Wijgman Warners

CRUSERIJE: half bezit St. Anthonis Vicarie Zutphen, half bezit Nye Gasthuis Zutphen.

Hiernaar genoemd ‘Kroezerijweg’.

HIEKINK: jonker Roode tot Diepenbroek

NIESINK: weduwe Van Rhemen (1710 verkocht aan Burgerweeshuis, Zutphen en verpacht aan fam. Niesink)

POEL: Hendrik op den Poel

WONNINK: Jan en Arent Wonnink nevens Jan Oijink

GROTE GELTINK: de kerk van Zutphen. Zutphens leen: 1378 Daem Vogels dochter, 1452 Anthonis Yseren, 1538 Alphart van Tille, kerkmeester

KLEIJNE GELTINK: weduwe Van Rhemen. Zutphens leen: 1380 Deyn Raebde, Zutphen (onderdeel goed Nyenhusingh), 1447 Bernt Stuvenbergh, 1604 Derck van Rhemen, 1710 Burgerweeshuis.

Tegenwoordige ‘Tiller’ hier uit voortgekomen.

den KEIJENBORG met die BROUWERIJE, HUIJS en HOF: Elsken Keijenbarg

REESINK: Garrit Rensinck’s kinderen

SARBELINK: jonker Schaap

MAMENHORST: vrouw van Munster en Noij tot Doesborch

KLEIJNE SESSINK: Willem Egginck en Arent ter Till

BRANDERHORST: kerk Zutphen

GROTE SESSINK: jonker Sondach van Munster

GROTE HOLTE: Henrick Cremer, Seyno Vrijmoet en Jan ter Till

KLEIJNE HOLTE: Jan Coerbeek, Reiner Creijenvanger en Seyno Vrijmoet. 1381 Zutphens leen, 1411 Steven Meijerinck, 1484 Johan van Hertenbroeck, 1510 thinsgoed.

SEVALKINKSLAG an den Reygersvoort: Elsken Keijenbarg

SNIKKENSLAG: half Elsken Keijenbarg, half vrouw Ten Tiller

SNIKKENHOF: half Elsken Keijenbarg, half “den armen”

BRUNENBERG: Hendrik Weenink

’t GOET ENSERINCK: Jan en Goossen Enserinck. Zutphens leen: 1378 Lubbert Enserinck, 1473 Johan Enserinck; tot 1804 in bezit van fam. Enserinck.

HUIJSINK: Derk Schenk tot Boxmeer.

LANSINK: Berent Thijlman. Zutphens leen: 1380 Elsbeen van den Holte, 1592 Bernhard Tilmans, 1697 Sibilla Tilmans, 1732 Derk Martini, 1764 Samuel Snethlage.

BISSCHOP: weduwe Staverden

KLEIJNE NIJSINK: Willem Baarken

KAETE: Reint Eggink

WARNINK: HendrikWarnink

HONNEKINK: Wolter Mentink

OLINK: predikant Crusij

TANKINK: burgemeester Goossen Huetinks erfgenamen.

 

BEKVELD

Die adellijke havesathe MEIJERINK: die jofferen van Kervenheim.

Het Meijerink was de voorloper van ’t Kervel. Als goed vormde het oorspronkelijk een onderdeel van het goed Bruil. In de beleendakten werd het al in 1422 genoemd. Ook in 1598, wanneer Vijth Christoffel van Munster ’t Bruil als een Zutphens leen ontvangt, wordt in de betreffende akte vermeld, dat “hierin gehoren het goet Meijerinck ende Cleyn Ryffelerskamp”.

1651 Wyse van Kervenheim, 1670 Anna Sybilla Vrijdach (nadat deze verschillende malen geld op het huis en op de Olde Kaste had opgenomen werd dit onderpand verwonnen door Johan Everart Canisius van der Heiden), 1712 G.W.J. van der Heiden, 1752 J.E.G. van der Heiden. Vanaf ca. 1750 ’t Kervel?

Fam. Van der Heiden (hadden heel veel bezittingen in omgeving) tot 1868, daarna fam. Von Twickel.

Totale opp. Toen ca. 900 ha. Tot ’t Kervel behoorden boerderijen Lenselink, Leemkuil. Horstink, Bruil, ’t Klooster, Heerink, Elferink, Jolink, Groot Roessink en enkelen in Zelhem, alsmede het Wolfersveen.

FOCKINK: Zutphens leen: 1326 Gerhard van Menghorst, 1500 Aleyt van Baer, 1568 Engelbert van Bremt, 1640 Coenraad van Munster.

KLEIJNE BANNINK: Derk Wockink

GROOT ELLERDINK: erven Middeldorp. In 1667 Zutphens leen: 1675 Engelbert van Woldenborch, 1716 fam. Van Doetinchem

BERENSCHOT: Lennep tot Emmerik

KLEIJN ELLERDINK: Gerrit Ellerdink en Peter Ventenhorst

WILDERCAMP: erven Horstink

KLEIJNE MENTINK: Goossen Buninck. Zutphens leen: 1403 Lambert Mentinck, 1681 Tyman Stuyrman tot Stoltenberch; in 1727 bij goed Brunrinck gevoegd.

GROTE MENTINCK: Margareta Lettinck. Zutphens leen: 1378 Albrecht Myntinge, 1607 Sweentgen Lettinck, 1696 Johan Rentgen, 1804 G.J. Liesen

KEUR: weduwe Loman

KOPPELE: in 1534 bezit St. Catharina-vicarie te Hengelo

RUNNEBOOMS HOF: weduwe Van Ingen tot Campen

BRUINDERINKS CAMP: Willem Eggink’s kinderen

DUICKELBORG: Derk Roessink

BRUNERDINK: Hardenberch’s kinderen. Zutphens leen: 1378 Rycquijn Brunryngh, 1417 Johan Stenderdinck, 1644 Cristina van Hardenberch, echtgenote van jonker Sondach van Munster, 1727 Johan van Essen.

TACKINCAMP: weduwe Everwijns binnen Arnhem

AVERENCK: Roelof Hendrick van Munster. Zutphens leen: 1378 Berent ’t Averenge, 1484 Steven van Kervenheim, 1727 Johan van Essen.

Dit was een kasteel omgeven door een gracht met brug, dichtbij boerderij Bruinderink. In 1870 afgebroken, laatste eigenaar jonkheer Steengracht van Duivenvoorde.

GIELINKSLAG: jonker Engelbert van Munster

LENSELINK: jonker Vijth Christoffel van Munster

WEPPELE: jonker Sondach van Munster

Havesathe LEEMKUYL: jonker Vijth Christoffel van Munster. 1793 fam. Van der Heiden.

BRUYL: jonker Vijth Christoffel van Munster. Zutphens leen: 1380 Griet van Breule, 1422 Albert Meyerinck ten Breule, 1422 Steven van Kervenheim, 1528 Jutte van Kervenheim, echtgenote van Christoffel van Munster, 1598 jonker Vijth Christoffel van Munster, 1666 Hendrick van Pallant, 1752 Sophia van Gent.

RIEFELER: half St. Anthonis Grote Gilde en half St. Annen Gilde.

 

NOORTWIJK

MEENINK: Zutphens leen: Berner Menongh, 1378 Albert Meyerinck, 1459 Willem Zewynck, 1608 Styne Luessinx, 1631 Tonisken Wolsinc, 1645 Johan Baerken, 1687 Hendrick van Essen, 1771 Esaäck van Eis, gehuwd met Anna Cornelia van Sonsvbeek, 1782 Abraham Francken.

STEENKUILE: A. van Sweten

LIEFERINK: dr. Ten Holte en Verheijden

LOMMENSLAG: kerkmeester Kaldenbag

PELGRIMSHOF: Jan Everenk

WALGEMOETSHOF: Hendrim Walgemoet

JOLINKHOF: Anna Jolink

RERINK: weduwe Van Ingen en burgemeester Hoekelom

CRAESENORG: Cremer Lubbert

GOSSELIJK de WEVERSHOF: Hunteler

CLEIJNE HESSELINK (HEIJSTERBOOM): Peter Driessen

OLDENHOFF: Middeldorp

HAIKINKCAMP: Ten Ham

BANNINK: Hunteler. Zutphens leen: 1528 Herman Berner, 1544 Bernt Mockink, 1636 Gerrit Hunteler, 1683 Anthony Grote Broederschap, Zutphen.

KINDERCAMP: Berent Mockink

MENNINK: weduwe Van Ingen

HESSELINK: burgemeester Nijkerken tot Zwoll

ROUWEMATE: Arent Sarink

HIDDINK: Hermen Haselbroek

REGELINK: jonker Van Leeuw. Huidige landhuis Regelink gebouwd in 1832 door baron J.A. van Heeckeren.

CREIJLSHOF: Jan Hiekink

MEMELINK: Middeldorp’s erfgenamen

WASSINK: Willem ten Holte, Albert Schaap en ten Ham

WIJMELINK: weduwe Wijmelink

ELLENCAMP met VAELVELDINKS HAAR: Luchteren

LANGELE: Willem ten Holte

ABBINK: Jan Jemmink

RIJSMATE: Goossen Enserink

MUESELSSTEDE: Bartelt te Langele

KEMPEL: Goossens Enserink

VAELVELDINK met hofstede: Garrit Haselbroek

STEMMERS GOET: Jacob ter Clocken

STENDERINK: jonker van Wijnbergen. 1647 Zutphens leen, 1682 Adriaen Sloot, burgemeester van Lochem, 1808 Peter Pelskamp

Die HUERNE: Peter Jurriens Cuijper en Ten Ham

GENNEP: Wolter Mentink

MENNINK HUERNE: Berent Menninck’s erfgenamen.

 

VARSSEL

’t GOET STAPELBROEK: Jan Messemaker

GROTE CELLE: Evert van der Heijden

KLEINE CELLE: jonker Hardenberch.

’t Goet te Zelle werd voor het eerst genoemd in 1326: eigenaar Pelgrim van Zelle.

In 1403 werd het een Zutphens leen ontvangen door Grietken van Selle, gehuwd met Steven van Kervenheim. In 1473 splitsing Grote en Cleijen Zelle. Grote Zelle in handen van Derich Mennynck. In 1617 in handen van fam. Van der Heijden, 1636 fam. Hardenberch, 1669 dr. Engelbert Tilman Grothe.

Cleijne Zelle: tot 1551 fam. Van Kervenheim, daarna door huwelijk fam. Van Munster. In 1671 Dr. Tilman Grothe ook met Cleijne Zelle beleend. Na de dood van Laurens Carel Grothe kwam Zelle aan de fam. Van Dorth tot Medler.

Verbouwing in 1792, 2e verdieping in 1830.

GROTE GOTINK: jonker Vehr

CLEIJNE GOTINK: jonker Vehr

GROOT SMEINK: Thomas Smeink, Deventer

CLEIJN SMEINK: Berent Gotink

WISSEL: Berent Gotink

LOOMANS GOET: Gerrit Looman

GROOT WASSINK: Eggink

CLEIJN WASSINK: jonker Vehr

MENNINK: Joost Bruggink. Zutphens leen: 1534 Gerrit Menninck, 1614 Evert van Beinhum, 1623 Hendrick van Paderborn, 1653 Dersken Ahuys, 1723 Hendrik Walgemoet.

JOIKINK: Copes Major binnen Wesel

STEGE: Berent Wekink

BUINK: weduwe Buink

WARNINK: Geertjen Warnink

EGGINK: Harmen Eggink

SARINK met het EKGOOR: Derk Antink

BLUEMINK CAMP: Derk Gotink

HONDESHEGE: Harmen Eggink

ANTINK: Derk Antink

HAIJKINK: Zutphens leen: 1534 Henrick Hekinck, 1583 Willem Baerken, 1660 dr. Raphaël Hoedemaecker, 1664 Hendrick Tinnegieter, 1747 Jan Mellink.

GROOTE ROESINK: A. van Sweten

CLEIJNE ROESINK: Goossen Huetink

HIEKINK: Willem Baerken sr.

MULLERS STUK met SARINK LANT: Jan Sarink

BIJLINK: Sarink en Eggink

CEPPE: Jan Sarink

 

HET DORP

Ongeveer 20 woningen vermeld, een bwijs dat het dorp nog niet veel voorstelde in de 17e eeuw. Een aantal hiervan:

DEN HOFF MET DIE BROUWERIJE: Teunis Menninck (grootste grondbezit in 1650)

DEIJENBORGS LANT op den VELDEKES ENK

DE WIND- EN ROSMEULEN TOE Hengelo

DEN IJEKINK

SPALLEN LANT op de IJEKINK en de SPALLENHOFF

ELFERINK en CLEIJN REGELINK: bezit van vicarie van Drie Koningen, Hengelo.

 

© w.j.m. hermans 2007

 

 

 


Home