OLD HENGEL

De historie van Hengelo Gld

 

 


 

20e EEUW

 

V & AV Pax

THE MAKING OF ALLE HOEKEN VAN HET VELD


In november 1993 verscheen het boek Alle hoeken van het veld over de geschiedenis van Pax. Jaren later besef je dat er sindsdien alweer is veranderd. Veel van de personen die ik toen heb geïnterviewd of anderszins in het boek stonden, zijn inmiddels niet meer onder ons. Enkele ouderen, die toen nog over de beginperiode konden vertellen, zoals Gert Bruggink, Wim Burghard, Jan Weideman, Herman Wuestenenk, Wim Geurtzen, Hein Jansen, Hendrik Hulstijn, Gert Klein Winkel, Herman Ordelman en Herman Voskamp, allen mannen van het eerste uur. Als je het boek nog eens doorbladert, zie je hoe waardevol het was hun verhaal op te tekenen en in een dergelijk boek op te nemen. Dat soort contacten waren ook het leukste onderdeel bij de totstandkoming van het boek. Bij sommigen was ik “net op tijd”; niet lang na de uitgave van het boek konden ze hun verhaal niet meer doen. Bij een was ik net te laat. Ik had een afspraak met Gert Jansen, de zadelmaker. Zijn vrouw zegde af wegens ziekte, enige dagen later was hij dood.

Er waren ook contacten die wat minder voor de hand lagen. Na soms intensief speurwerk kwam je achter de verblijfplaats of levensloop van voormalige Pax-mensen. Zo sprak ik met een bijna 100-jarige (Eli Meyers), de vrouw van ex-voorzitter Herman Wisselink en de vrouw van de ‘beroemde’ Leo Halle. Uit een iets recenter verleden mannen als Wim en Ep Harmsen en Willem Boerman. Elk met hun eigen verhaal over verschillende periodes. Aangename uurtjes heb ik doorgebracht bij genoemde mensen en andere geboren vertellers als Bart Kroesen, Theo Michels en Jaap Hulshoff. Na 1993 overleden overigens sommigen al op jongere leeftijd, denk aan Theo Claver en René Notten.

De uitgave van het boek had wel enige voeten in de aarde. Aanvankelijk leek het erop dat via een contact een drukkerij in Limburg goedkoop werk kon leveren. Toen dit contact onbetrouwbaar bleek, kwam drukkerij Weevers als reddende engel. Namens het bestuur verrichtte vooral Hannie Kroesen veel werk op het gebied van organisatie en sponsoring. De vele uurtjes met Reiné Tannemaat en vormgever Ab Meenink, toen nog in zijn kantoortje aan huis, bewaar ik ook als goede herinnering. Met Ab heb ik later het boek Daar midden in de Graafschap gepubliceerd.

 

Uiteraard moest Alle hoeken van het veld voorzien worden van een voorwoord. Eerste kandidaat was voor mij Mart Smeets. Op een fax naar de Studio-Sportredactie kwam een snelle reactie. Hij belde persoonlijk op om te zeggen dat hij teveel van dit soort verzoeken kreeg om eraan te kunnen voldoen. Later begreep ik dat hij alleen voor veel geld schnabbelde.

Toen kwam Guus Hiddink in beeld, eigenlijk ook geschikter vanwege zijn afkomst uit de Achterhoek. Er was één klein probleempje: hij zat in Spanje als trainer van Valencia. Met hem in contact komen kostte veel moeite. Ik kwam achter het hotel waar hij verbleef. Telefoontjes naar dat hotel waren moeizaam, de eigenaar sprak slecht en moeilijk verstaanbaar Engels. Daarnaast is het dagritme in Spanje wat anders dan hier. Trainingen waren laat op de avond en Guus kwam vaak pas laat terug in het hotel. Met de verder allervriendelijkste Spanjaard lukte het uiteindelijk af te spreken Guus terug te laten bellen. Zo kwam het dat ik uiteindelijk een keer ver na middernacht wakker werd gebeld. Dat is dan even schrikken als je plotseling Guus Hiddink aan de lijn hebt. Hij verleende verder alle medewerking en spraken af dat ik hem enkele voorzetjes zou geven, waarop hij een voorwoord kon schrijven. Met een fotootje en een handtekening kwam het toch voor elkaar. Een kleine complicatie was er twee weken voor de presentatie van het boek, toen hij na een paar slechte Europa-Cupuitslagen werd ontslagen. Dat kon ik nog net vermelden.

Een paar weken na de verschijning van Alle hoeken in het veld bracht ik een bezoek aan hem in zijn huis, toen nog in Zelhem. Ik werd hartelijk ontvangen door Guus en zijn vrouw en bood hem het boek aan. Intussen kwam een fax binnen met een aanbieding van een club uit Griekenland.

 

De presentatie was op 29 november in de kantine en de meeste boeken waren snel verkocht. Nog steeds is er af en toe vraag naar. Zelf bewaar ik leuke herinneringen aan die tijd. Het was een mooie afsluiting van bijna 10 jaar redactiewerk voor de Pax-Praat. Dat was net in de periode dat Pax haar grootste successen boekte, dus naar isnpiratie hoefden we niet te zoeken. Elke zondagavond en maandag druk in de weer, nog met een typemachine en stencils. Gezellige maandagavonden waarop nagepraat werd over het weekend. Voetbaldieren als Henry Golstein, Henk van Dam en Theo Claver kwamen geregeld langs en vertelden sterke verhalen of moppen. Samen met Bert van Petersen leverden we een PP dat vergeleken met het huidige blad er misschien minder gelikt uitzag, maar het leefde enorm. Vooral de Pax-Praatjes waren steevast stof tot discussie, net als de Speler van de Week, Paultje Paks, de verslagen van Nees en voorpagina van Bert (bv. over zijn buurvrouw…). Dikwijls ‘haalden’ we de Sprietjes van de Gelderlander, niet tot ieders genoegen trouwens.

Advertenties hadden we alleen voor de omslag, er moest waarschijnlijk geld bij, maar het was gezellig (zelfs bij het inleggen en nieten) en er werd veel gelachen. Het was een goede leerschool voor later werk, waarvan ongetwijfeld meer zal komen. Na de uitgave van Alle hoeken van het veld ben ik ook gestopt als Pax-Praatredactielid. Van Pax kreeg ik voor de moeite nog een paar voetbalschoenen, die ik twee jaar daarna aan de wilgen heb gehangen na een beenbreuk.

 

 

 

© W.J.M. Hermans, 1993

 


Home